Menu

Het witte goud

We weten niet veel over hoe de witloofteelt ontstaan is. Witloof zou per toeval ontdekt zijn. Maar waarom is de streek rond Brussel vooral bekend als witloofstreek? We trokken naar Kampenhout en zochten het voor jullie uit.

De geur van koffie, Belgische wafels en een Poolse specialiteit komt me tegemoet als ik het witloofbedrijf van Willy Goossens en zijn broer Gomer in Kampenhout binnenwandel. Zijn Poolse en Vlaamse dames – zoals hij de werkkrachten mooi omschrijft – zijn net toe aan hun koffiepauze.

"Gomer en ik zijn intussen de derde generatie witlooftelers. Mijn grootmoeder en haar broer zijn er destijds mee begonnen", vertelt Willy me, terwijl hij stronken witloof inpakt. "Witloof was hier in de jaren 20 en 30 een opkomende teelt, in de jaren 60 en 70 was het erg populair. Iedereen teelde thuis wel een beetje witloof." De eerste vorm van witloof zoals we dat vandaag kennen, zou in 1835 ontstaan zijn. Het eerste witloof zag er wel niet uit zoals wij het nu kennen, want de kroppen zouden vrij los geweest zijn. Door teeltverbetering kreeg je uiteindelijk een vaste krop.

Oorspronkelijk werd alle witloof in de vollegrond geteeld. De witloofwortels werden ingetafeld in de vollegrond en de witloofkroppen werden volledig afgedekt met dekgrond. Witloof op basis van hydrocultuur, dat opkwam vanaf 1973, verdrong geleidelijk die traditionele teelt. Deze hydrocultuurteelt was niet meer grondgebonden en was economisch voordeliger. Vandaag beslaat grondwitloof maar een klein deel van de totale witloofproductie. "Wij schakelden in 1988 over van grondwitloof naar hydro. Bij de hydroteelt worden de witloofwortels rechtop naast elkaar in waterdichte bakken geplaatst en ondergebracht in klimaatgecontroleerde cellen. Tussen de wortels stroomt continu water met mineralen en voedingselementen. De temperatuur van het water wordt aangepast aan het groeiritme van de wortels. Na ongeveer drie weken kunnen we oogsten. Witloof van hydrocultuur wordt bij ons bijna het hele jaar door gekweekt. Grondwitloof volgt het traditionele witloofseizoen van september tot mei."

Streek rond Brussel

Het verhaal wil dat witloof ‘per toeval’ ontdekt werd. Schaarbeek en Evere worden dikwijls genoemd als ontdekkingsplaatsen, dus sprak men ook wel over Brussels lof. In het begin van de twintigste eeuw wordt er ook druk geteeld in de driehoek Brussel-Leuven- Mechelen, vooral in de buurt van tram-en spoorwegen. "Ik denk dat het ook te maken heeft met de structuur van de grond. Witloof houdt van een zand-leemgrond en die vind je hier in de streek", vertelt Willy.

Exclusief

Witloof werd niet voor niets ‘het witte goud’ genoemd. Deze geliefde lekkernij was door zijn hoge prijs lange tijd alleen weggelegd voor de rijkeren. Pas later, dankzij de productiestijging, kon ook de modale burger ervan proeven.

Van toeval tot verfijnde groente

Winter 1834–1835 Door te experimenteren met allerlei teeltmethodes ontwikkelt Franciscus Bresiers, de overste van de Brusselse Kruidtuin, een methode om mooie vaste kropjes te krijgen. Zo wordt deze typisch Belgische groente geboren.

1873 Op de Gentse tuinbouwtentoonstelling in 1873 wordt het nog verbeterde gekropte witloof officieel voorgesteld aan het brede publiek. Dat betekent de start van een internationaal succesverhaal.

1878 Het grote publiek kan witloof als nieuwigheid bewonderen op de Wereldtentoonstelling in Parijs. Tegen het einde van de negentiende eeuw is de Franse hoofdstad een belangrijke afzetmarkt.

1882 Een kookboek van Cauderlier uit 1882 zou het eerste recept voor Brussels witloof bevatten: ‘La chicorée crète ou chicorée blanche de Bruxelles se met au feu avec du beurre. On couvere, 20 minutes de cuisson suffisent.’ (Met wat boter op het vuur zetten, afdekken en 20 minuten laten stoven.)

1890 Door de verstedelijking van onze hoofdstad blijft de witloofteelt niet langer beperkt tot Brussel, Schaarbeek en Evere. En zo wordt het teeltgebied steeds groter.

Na WO II Meteen na de Tweede Wereldoorlog stijgt in binnen- en buitenland alweer de vraag naar witloof. Al snel scheert de export nieuwe toppen.

1975–1980 De opkomst van witloof op basis van hydrocultuur. De grondwitloofproductie daalt.

2015 Witloof is vandaag niet meer weg te denken uit onze gastronomie. We lusten deze groente met haar typische bittere smaak in allerlei bereidingswijzen en beschouwen witloof nog steeds als een verfijnde lekkernij.

Met dank aan het Centrum Agrarische Geschiedenis (CAG).

Meer info: www.hetvirtueleland.be