|
TOESPRAAK DOOR KRIS PEETERS
VLAAMS MINISTER-PRESIDENT EN
VLAAMS MINISTER VAN ECONOMIE, BUITENLANDS BELEID, LANDBOUW, ZEEVISSERIJ EN PLATTELANDSBELEID
Dag van de Landbouw
18 september 2011
Dames en heren,
Ik ben erg blij dat ik vandaag de Dag van de Landbouw hier in Kampenhout kan vieren. Ik gebruik inderdaad met opzet het woord ‘vieren’. We staan immers niet vaak genoeg stil bij de schitterende sector die de land- en tuinbouw is.
De sector komt de laatste maanden namelijk vooral in het nieuws met berichten over crisis, over noodweer, over mislukte oogsten. Maar dat mag ons de mooie kanten van deze sector niet doen vergeten.
Het mag ons niet afleiden van de schitterende kwaliteitsproducten die de land- en tuinbouwers ons geven. Ik wil daarom Boerenbond en Landelijke Gilden bedanken en vooral feliciteren met deze nieuwe succeseditie van de Dag van de Landbouw.
Dames en heren,
Ik wil ook graag Patrick Van Ingelgom en zijn echtgenote bedanken voor hun gastvrijheid deze ochtend. Samen met meer dan 50 andere bedrijven, verspreid over heel Vlaanderen, zetten zij vandaag hun deuren wagenwijd open om iedereen te tonen wat de land- en tuinbouw zoal te bieden heeft en hoe het er op een bedrijf aan toe gaat.
Dit witloofbedrijf ligt in de bakermat van de Europese witloofteelt. Vandaag is Vlaanderen nog steeds dé witloofstreek bij uitstek, witloof blijft een echt product van bij ons. Het is niet voor niets dat witloof in het Italiaans ‘insalata belga’ (Belgische salade) wordt genoemd.
Vandaag zijn witloofwortels goed voor een oppervlakte van 2.600 hectare. In 2010 betekende dat een veilingomzet van 57,5 miljoen euro. Witloof is daarmee één van de belangrijkste groentesoorten op de Vlaamse versmarkt.
Witlooftelers zoals Patrick, maar ook alle andere land- en tuinbouwers, verdienen dus de onverminderde steun van de Vlaamse regering. Steun die ik volmondig kan toezeggen.
Eerst en vooral steunen wij de land- en tuinbouwers die het door de vernoemde crisissen, moeilijk hebben. Land- en tuinbouw blijft een stiel die onderhevig is aan specifieke risico’s, waar andere sectoren niet mee te maken hebben. Het werk met levende materie en de blootstelling aan de elementen, zijn zaken die dit beroep heel mooi maken. Maar ze kunnen ook zorgen voor onvoorspelbare problemen. Het omgaan met die bijkomende onvoorspelbaarheid zorgt ervoor dat land- en tuinbouwers echte ondernemers in het kwadraat zijn.
Via concrete maatregelen, zoals overbruggingskredieten en vervroegde uitbetaling van premies, heb ik steeds oog gehad voor het ledigen van de grootste noden. Ook op Europees niveau hebben we steeds op tafel geklopt om de nodige aandacht te krijgen voor de problemen van onze landbouwers. Denk maar aan de private opslag voor varkensvlees.
Tegelijk blijf ik ijveren voor oplossingen op lange termijn. We moeten immers niet alleen de symptomen bestrijden. Zo heb ik het afgelopen jaar 7 dialoogdagen voor de varkenssector georganiseerd, waarbij we hebben nagegaan hoe we deze sector competitiever kunnen maken. Dit zal tegen het einde van het jaar uitmonden in een concreet actieplan.
Ik heb ook een overleg opgestart met de groente- en fruitsector, waarbij we als doel hebben de sector risicobestendiger te maken. Samenwerking doorheen de keten, verbeteringen aan het verkoopssysteem en het optimaal gebruiken van de Europese Gemeenschappelijke Marktordening, staan daarbij centraal.
Dit laatste punt brengt mij bij het Europees niveau. Wanneer ik de Vlaamse land- en tuinbouw steun, dan doe ik dat niet alleen door middel van Vlaamse beleidsmaatregelen. Heel wat essentiële regelgeving wordt immers op het Europees niveau gemaakt.
Daarom dat ik veel aandacht blijf besteden aan de Europese ministerraden en de onderhandelingen over die regelgeving. In de komende maanden, staan we op dat vlak voor grote uitdagingen. De onderhandelingen over een nieuw meerjarig financieel kader zijn opgestart en het is duidelijk dat het landbouwbudget onder druk staat. Daarnaast wordt ook gewerkt aan een hervorming van het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid.
Bij die discussies zal ik er in ieder geval voor blijven pleiten dat er voldoende Europese middelen naar onze land- en tuinbouwsector blijven gaan. Bovendien moeten die middelen vrijgemaakt worden voor maatregelen die de land- en tuinbouwers de nodige ondersteuning geven.
Dames en heren,
Deze editie van de Dag van Landbouw vindt plaats op een scharniermoment. Vandaag moeten wij de keuzes maken die de land- en tuinbouw van morgen zullen vorm geven.
Ik kies in ieder geval resoluut voor een sterke Vlaamse land- en tuinbouw. Een land- en tuinbouw die de ondersteuning krijgt die het verdient. Op die manier zullen we nog vele Dagen van de Landbouw kunnen vieren.
Ik dank u.
|